D01 – CAFÉ & CROISSANT JUNIOR – CONGRESEDITIE – UTILISER LE JEU EN CLASSE DE LANGUE

|

Merel Hollander en Charlotte Roger – Levende Talen Vroeg Frans; Alliance
Française Utrecht – Nederland
(NEDERLANDS)

Levende Talen Vroeg Frans verzorgt regelmatig Café & Croissant Junior sessies voor docenten
Frans op basisschool en brugklas. Voor deze Congres-editie werken we samen met de
Alliance Française Utrecht. In deze (tweetalige) workshop staat spelenderwijs taal leren/ le jeu
en classe de langue voorop. Wat zijn les défis, les astuces, les ressources et les points
d’attention? Kom inspiratie opdoen, ontmoet vakcollega’s en wissel kennis en werkvormen uit
onder het genot van een café en een croissant!

En stock

Autres ateliers intéressants

  • C15 – HOE ZET JE INTERNATIONALISERING OP DE KAART?

    Nuffic – Nederland (NEDERLANDS)

    MVT-docenten zijn vaak initiatiefnemers van de verschillende internationale uitjes, reizen of uitwisselingen. Zet internationalisering bij jouw school op de kaart en draag gezamenlijk met alle vakken en docenten de verantwoordelijkheid. Tijdens deze workshop krijg je een idee hoe je internationalisering bij jouw school op de kaart kunt zetten, hoe je financiering kunt vinden en wissel je tips en adviezen uit met collega’s.

  • C09 – LES ATOUTS DU FRANÇAIS AVEC AIM EN CLASSE 2 ET 3 !

    Janny Spreen – Project Frans; Zeven Linden College, Dedemsvaart – Nederland (NEDERLANDS)

    In deze workshop wordt ingegaan op het inzetten van AIM (Accelerative Integrated Methodology) in leerjaar 2 en 3. In leerjaar 1 is met het verhaal Les trois petits cochons of met het verhaal Salut, mon ami! een stevige basis gelegd. Het zou logisch zijn om met AIM in leerjaar 2 deze basis uit te bouwen met het vervolgverhaal Comment y aller? of met Veux-tu danser? en in leerjaar 3 met Qui arrive ce soir?, maar veel docenten weten niet goed wat het inzetten van deze verhalen beoogt te bereiken in de onderbouwklassen. Deze workshop geeft op meerdere vragen een antwoord, zoals welke woordenschat en grammatica worden aangeboden. Maar ook vragen als: Hoe wordt het spreken en schrijven gecontinueerd en uitgebouwd naar onafhankelijker en creatiever spreken en schrijven? Welke rol spelen de gebaren als ondersteunend hulpmiddel? Wordt dit (enigszins) afgebouwd? Hoe wordt de opgebouwde woordenschat uit leerjaar 1 herhaald? Hoe kun je alle vaardigheden efficiënt toetsen? Welke andere werkvormen komen aan bod? Ook wordt aandacht besteed aan het uitbouwen van steeds meer zelfstandig (samen)werken van leerlingen aan bepaalde taaltaken. Tenslotte wordt ingegaan op enkele speelse lesideeën ter afwisseling binnen het lesprogramma of ter aanvulling daarop.